Leeraanbod OV1


Godsdienst: Tijdens de lessen godsdienst staat  het leren en inoefenen van waarden en normen centraal. Deze worden door middel van verhalen, prenten en foto’s  aangebracht.  

Projectwerking: Bij de start van het schooljaar stellen de leerkrachten samen de thema’s op waaraan telkens gedurende 1 of 2 maand(en) zal  gewerkt worden. Gedurende deze periode komt dit thema in alle vakken aan bod. 

Taalactivering: Tijdens de lessen taalactivering wordt de taalkennis van de leerlingen gestimuleerd. Deze taal is gericht op het dagelijkse en latere leven. Er wordt gewerkt rond taaldenken, taalbegrijpen, woordenschatuitbreiding. SMOG wordt aan alle leerlingen klasoverschrijdend aangeleerd, rekening houdend met het niveau van de leerling.

Functioneel rekenen: Functioneel rekenen richt zich op kennis en vaardigheden die onze leerlingen nodig hebben in het dagelijkse leven. Omgaan met geld, kloklezen, hoeveelheden afwegen in de keuken en tellen zijn hier een aantal voorbeelden van.

Projectuitstappen: De projectwerking wordt steeds afgesloten met een projectuitstap. Gedurende een halve dag gaan de leerlingen op stap, samen met een extra begeleider.

Maatschappelijke redzaamheid

Atelierwerking: Op woensdag gaan de lessen niet door in de klasgroep, maar volgen de leerlingen een gekozen atelier. De leerlingen leren op die manier kiezen en deze keuze ook enkele maanden volhouden. De ateliers sluiten aan bij de ateliers die doorgaan in een dagcentrum en zijn op deze manier een goede voorbereiding. Voorbeelden van ateliers zijn: crea, fietsherstelling, papier en vilt, relaxatie, koken, computer, boek en snoezel, geitenboerderij, manege, dans, balsport,... 

Warenhuiswinkelen: Om later zo zelfstandig mogelijk door het leven te kunnen gaan, leren de leerlingen winkelen of mee-winkelen in een warenhuis. Dit omvat alles wat daar bij hoort (zelf een boodschappenlijstje leren opstellen, een winkelwagen besturen, het juiste product zoeken in de winkel, zich gepast gedragen in een winkel, zelf betalen, wisselgeld aannemen en controleren,...)

Winkelen: Om later zo zelfstandig mogelijk door het leven te kunnen gaan, leren de leerlingen winkelen of mee-winkelen in een warenhuis, bakker of slager. Dit omvat alles wat daar bij hoort: zelf een boodschappenlijstje opstellen, een winkelwagen besturen, het juiste product zoeken in de winkel, de producten op een gepaste manier vragen, zelf betalen en wisselgeld controleren,...

Verkeer: Binnen deze lessen leren de leerlingen hoe ze zich gepast dienen te gedragen in het verkeer, zowel te voet als met de fiets of met de bus.

Sociaal maatschappelijke training: Om de oudere leerlingen voor te bereiden op het werken in een dagcentrum, worden ‘stages’ georganiseerd. Binnen OV1 valt dit binnen de sociaal maatschappelijke training. Leerlingen gaan bijvoorbeeld helpen in een buurtwinkel, warenhuis, zorgboer, kleuterschool,....

Huishoudelijke redzaamheid

Keukentechnieken: De lessen keukentechnieken hebben als doel om onder begeleiding of zelfstandig aan de slag te kunnen gaan in de keuken. Dit gebeurt voor elke leerling op zijn/haar niveau. Wekelijks wordt er door de klasgroep een eenvoudig of moeilijker gerecht klaar gemaakt. Basistechnieken zoals snijden, mixen, roeren, bakken, koken, kruiden,… komen aan bod. Na het klaarmaken mogen de leerlingen proeven van hun eigen creaties. 

Onderhoud: Net zoals bij keukentechnieken heeft dit vak als doel om onder begeleiding of zelfstandig de eigen leefomgeving te kunnen poetsen. Onder andere afstoffen, dweilen, ramen zemen,… komen aan bod, telkens op niveau van wat de leerling aan kan.

Persoonlijke redzaamheid

Lichaamsverzorging: Tijdens de lessen lichaamsverzorging wordt de basishygiëne aangeleerd zodat leerlingen dit onder begeleiding  of zo zelfstandig mogelijk en op de juiste manier kunnen. Thema’s zoals aan- en uitkleden, het poetsen van de tanden, wassen van de handen en haren, douchen,… komen aan bod.

Kleding: Correct gebruik van wasmachine, droogkast, strijken van kledingstukken en zorg voor kleding komen aan bod tijdens deze lessen.

Tafelmanieren: 's Middags eten de leerlingen en leerkracht samen in de klas. De tafel wordt gedekt, afgeruimd en de vaat wordt gedaan en afgedroogd volgens een beurtrolsysteem. Tijdens het middagmaal en tijdens de lessen keukentechnieken wordt extra aandacht besteed aan tafelmanieren.  

Sociale vaardigheden

Leefsleutels: Dit is een programma om het sociaal-emotioneel welbevinden van jongeren te verhogen. We hechten veel belang aan veiligheid en vertrouwen binnen de groep. We willen de kracht van de groep versterken.

Relationele en seksuele vorming: Als de leerling er klaar voor is, wordt gestart met het programma ‘relationele en seksuele vorming’. In kleine groepjes leren de leerlingen de delen van het lichaam, hoe ze kunnen omgaan met relaties en seksualiteit. Ook het onderhouden van vriendschappen en het zich goed in hun vel voelen zijn belangrijke onderdelen.

Sociale vaardigheden: Doorheen alle lessen wordt veel aandacht besteed aan samenwerken en hoe men gepast kan omgaan met elkaar.

Lichamelijke opvoeding: Om de grove motoriek zoveel mogelijk te stimuleren, de spieren te trainen, zich bewust te worden van het eigen lichaam en te leren genieten van bewegen, krijgen de leerlingen lichamelijke opvoeding aangeboden onder de vorm van verschillende vakken.

Turnen: Elke klas turnt 2 uur per week. Tijdens deze lessen word gewerkt aan conditie, lichaamsbesef, oriëntering in de ruimte,spel,…

Wandelen: Op regelmatige basis gaat elke groep wandelen om de conditie te verbeteren en te genieten van de natuur.

Fietsen: Fietsen gebeurt voor een aantal groepen op de speelplaats en voor een aantal groepen op de openbare weg met als doel het stimuleren van de grove motoriek, evenwicht, uithouding en fietsen op een gepaste afstand van elkaar. Daarnaast oefenen de leerlingen die op de openbare weg fietsen ook de verkeersregels in en hoe men zich moet gedragen op de weg.

Paardrijden: Een deel van de leerlingen gaat een aantal keer per jaar paardrijden. Dit om het eigen lichaam beter te leren beheersen en de spieren te ontwikkelen.

Zwemmen: Maandelijks gaan de leerlingen die zindelijk zijn zwemmen. Zowel de zwemmers als niet-zwemmers krijgen opdrachten aangepast aan hun niveau.

Basale stimulatie

Snoezelen: Activiteit in een ruimte met gedempt licht, zachte muziek, geuren en meubilair dat ontspanning toelaat bv. een zitzak, waterbed, trilmatras, muziek,... De zintuigen worden zoveel mogelijk geprikkeld om tegemoet te komen aan de zintuiglijke behoeften.

Creatieve vaardigheden

Muziek: Genieten van muziek, luisteren naar en bespelen van instrumenten, stilstaan bij ritmes, zang en beweging zijn belangrijke doelstellingen tijdens deze lessen. Daarnaast komen ook samenwerken, rekening houden met elkaar, leren kennen van de eigen mogelijkheden en stimuleren van het groepsgevoel aan bod.

Crea: Via verschillende technieken en werkvormen worden de creativiteit en de fijne motoriek gestimuleerd door te werken aan de nauwkeurigheid van de bewegingen, gebruik van kracht en coördinatie,... Daarnaast werken we met stappenplannen die de leerlingen moeten volgen om tot een eindresultaat te komen. 

broederscholen logo
adres
Campus LokerenCampus Daknam
Molenstraat 38Daknamdorp 89
9160 Lokeren9160 Lokeren
contact
Secretariaat
09 348 37 96
info@buso.broeders.be